Diep robijnrood met paarse weerschijn. In de neus rijpe zwarte kers, pruim, braam en bessen, met een vleugje gedroogde bloemen en zwarte peper. Soepel en vol in de mond, met fluwelige tannines en een lange, licht kruidige afdronk. Een toegankelijk, gulle rode wijn die het karakter van Amarone benadert zonder zwaar te worden.
Wie de wijnen van Farina wil begrijpen, moet eerst naar de heuvels rond Verona. Hier, in de Valpolicella Classica, ligt het familiewijnhuis Farina al meer dan een eeuw verankerd in de grond. De oudste documenten over de familie stammen uit het begin van de twintigste eeuw en beschrijven de Farina’s als deelpachters op een van de meest historische boerderijen van de streek. Het was een echt gemengd bedrijf: tussen de wijngaarden door groeiden granen voor brood en polenta, stonden olijf- en kersenbomen, en werd er vee gehouden. De druiven werden geperst en vergist in de boerderij, en al vroeg maakte de familie de wijnen die de streek groot zouden maken, waaronder de befaamde Recioto en Amarone.
De grote ommekeer kwam in de jaren zestig. Toen werd de familie eigenaar van de boerderij en ging de volledige productie naar de verkoop. Farina koos resoluut voor rode wijn: de oogst begon begin oktober, de mooiste druiven gingen op traditionele rieten matten, de zogeheten arele, te drogen, de vergisting vond plaats in beton en de rijping in grote vaten van Slavonisch eiken. Door bewust voor lagere opbrengsten te kiezen en de beste percelen apart te houden, ontstonden de eerste crus van het huis. In dezelfde periode brachten de neven Remo, Sandro en Piero Farina de wijnen voor het eerst over de grens, eerst naar Zwitserland en Duitsland, later naar Canada en de Verenigde Staten.
Vandaag staat de vierde generatie aan het roer, vertegenwoordigd door Claudio en Elena. Sinds de jaren 2000 hebben zij het bedrijf grondig gemoderniseerd, zonder de traditie los te laten. Er kwamen twee klimaatgeregelde droogzolders voor de Amarone- en Recioto-druiven, ruimere productie- en bottelhallen en een moderne ontvangstruimte. In 2019 werd het bezoekersgedeelte vernieuwd met een glazen ‘kubus’ in de historische binnenplaats en een eigentijdse Wine Boutique. Duurzaamheid speelt daarbij een hoofdrol: zonnepanelen leveren een groot deel van de energie voor het bottelen, er wordt niet chemisch onkruid bestreden en in de kelder experimenteert Farina inmiddels naast staal en hout ook met betonnen kuipen en keramische vaten voor frissere, zuivere wijnen.
De rode draad door de geschiedenis van Farina is de appassimento-methode: het laten indrogen van geoogste druiven voordat ze vergisten. Door de druiven wekenlang te laten rusten verdampt een deel van het vocht, waardoor suikers, kleur en aroma’s zich concentreren. Het is dezelfde techniek die de basis vormt van de wereldberoemde Amarone, het paradepaardje van de streek. Appassilento is in zekere zin de toegankelijke neef van die Amarone: dezelfde gedroogde-druivenstijl met rijpe, gulle smaken, maar soepeler en met een gematigder alcoholgehalte. De wijn rijpt na de vergisting nog enkele maanden op Slavonisch eiken, wat de fluwelige structuur verklaart.
In het glas laat Appassilento zich kennen als een diep robijnrode wijn met paarse weerschijn. De geur doet denken aan zwarte kers, pruim, braam en bessen, met daaronder gedroogde rode bloemen en een snuf zwarte peper. In de mond is de wijn vol en zacht, met tannines die mooi in balans zijn met de natuurlijke rondheid. Met 13,5% alcohol blijft hij verrassend evenwichtig voor een wijn in deze stijl.
Het hart van het assortiment ligt bij de klassiekers van de Valpolicella. Farina is in de eerste plaats een Amarone-huis, met onder meer de Amarone della Valpolicella ‘Mezzadro alla Fontana’ als boegbeeld, een knipoog naar het deelpachtersverleden van de familie. Daarnaast vind je de volledige reeks streekwijnen: van de soepele Valpolicella Classico Superiore ‘Alessandro’ en de Valpolicella Ripasso tot de zoete Recioto. Het aanbod is georganiseerd in herkenbare lijnen, elk met een eigen karakter:
Naast de rode klassiekers maakt Farina ook witte wijnen uit de beste heuvelgebieden, waaronder Soave Classico en Bianco di Custoza. Zo bestrijkt het huis vrijwel het complete palet van de streek rond Verona, van frisse witte wijnen tot de meest geconcentreerde Amarone.
De gulle, licht kruidige stijl van Appassilento maakt hem tot een dankbare tafelwijn. Hij komt het best tot zijn recht bij rood vlees, gestoofde en gebraden gerechten en middeloude kazen. Denk aan een langzaam gegaarde rundstoof, lamskoteletten van de grill, een rijke pastasaus met gehakt of een plank met belegen kaas. Ook bij stevige hapjes en antipasti doet hij het goed. Schenk de wijn op kamertemperatuur, rond 16 tot 18 graden, en geef hem eventueel even de tijd in een karaf zodat de aroma’s zich helemaal openen.
Waar komt Farina vandaan?
Farina is een familiewijnhuis uit Pedemonte, in de gemeente San Pietro in Cariano, in het hart van de Valpolicella Classica bij Verona.
Wat betekent appassimento?
Appassimento is het indrogen van geoogste druiven voordat ze vergisten. Daardoor concentreren suikers en aroma’s zich, wat zorgt voor vollere, rijkere wijnen. Het is dezelfde techniek die aan de basis ligt van Amarone.
Wat is het verschil tussen Appassilento en Amarone?
Beide ontstaan uit deels gedroogde druiven, maar Appassilento is soepeler en lichter van alcohol dan een Amarone. Het is een toegankelijker alternatief dat veel van de gulle smaak van Amarone biedt, zonder de zwaarte en de prijs.
Welke druiven zitten er in Appassilento?
Het gaat om een blend van rode druiven die kenmerkend zijn voor de Veneto. Farina houdt de exacte samenstelling bewust geheim als onderdeel van het eigen karakter van de wijn.